top of page

Zorgen om niet-zindelijke kleuters op basischool: 'Niet de bedoeling dat we luiers verschonen'

Kinderen die naar groep 1 gaan, zijn steeds minder vaak zindelijk. Dat stellen basisschoolleraren tegenover NH en ook bekkenfysiotherapeut Ineke de Gee-de Ridder ziet dat er toenemende problemen zijn op dit gebied. "Vroeger speelde dit probleem veel minder." Het goede nieuws is dat de oplossingen voorhanden zijn. 


B



ekkenfysiotherapeut Ineke de Gee-de Ridder ziet het aantal kinderen dat pas op latere leeftijd zindelijk wordt gestaag groeien. Als ervaren therapeut, gespecialiseerd in het behandelen van kinderen met deze problematiek, is ze werkzaam bij het Kruispunt in Heemskerk. Naast volwassenen behandelt ze vooral (jonge) kinderen met poep- en plasproblemen met het programma Kakkie Makkie.

In veruit de meeste gevallen is er echter geen sprake van een zindelijkheidsprobleem. De ervaren therapeut benadrukt dat als kinderen op de basisschool nog ongelukjes hebben of met een luier aan op school komen, er een 'kink in de kabel' is gekomen tijdens het leerproces. De toename daarvan schrijft ze toe aan verschillende maatschappelijke veranderingen. "Vroeger hadden we dit probleem niet zo sterk", merkt ze op.

Veranderingen samenleving

Er zijn meerdere oorzaken aan te wijzen. De verkleining van gezinnen, twee werkende ouders en een grotere nadruk op individuele zelfstandigheid spelen volgens De Gee-de Ridder een rol in het vertraagd zindelijk worden van kinderen, omdat ze minder blootgesteld worden aan een voorbeeld.

Bovendien wijst ze op een opkomend gevoel van 'maakbaarheid'. "Opvoedkundige taken worden soms overgedragen aan scholen, of men denkt dat het aanleren van zindelijkheid in een weekend kan gebeuren met een daarvoor bedoelde cursus. Ik beweer niet dat dit nooit effectief is, maar het is niet voor elk kind geschikt."

Gebrek aan tijd

Een belangrijke factor die volgens haar tegenwoordig vaak ontbreekt is tijd. "Ouders zeggen tegen hun kinderen: 'ga maar zitten en plassen. We moeten zo naar de opvang.' Kinderen moeten niet leren plassen op de klok. Het is essentieel dat kinderen 'leren voelen' en begrijpen dat ze daarop actie moeten ondernemen. Dat is een proces."

"Het is essentieel dat kinderen 'leren voelen' en begrijpen dat ze daarop actie moeten ondernemen"

Ineke de Gee-de Ridder

Hierdoor is het hele proces meer een 'ding' geworden, omdat ook ouders de druk voelen van de regels die door scholen zijn opgesteld. Het lijkt soms een 'wedstrijdje' onder ouders te worden. "Oh, is jouw kind nog niet zindelijk? De mijne wel," illustreert De Gee-de Ridder.

Ouders beginnen dan te vroeg en te geforceerd met zindelijkheidstraining. Als er te veel druk wordt uitgeoefend, zal het plassen en poepen vaak niet in alle rust gaan en kan de bekkenbodemspier zich niet voldoende ontspannen."

Natte broeken

Door al deze veranderingen gebeurt het steeds vaker dat kinderen op school af en toe met een natte broek zitten. Volgens kleuterjuf Sanne van de Sterrenkijker in Beverwijk vormen de 'ongelukjes' niet het grootste probleem.

"Ik vind het echt niet erg dat kinderen af en toe een ongelukje hebben, dat hoort erbij. Maar het wordt lastig als kinderen nog met een luier naar school komen. Met 25 kleuters in de klas is het niet de bedoeling dat we naast het onderwijs geven luiers verschonen. Bovendien hebben we niet eens de benodigde spullen."

Volgens De Gee-de Ridder is het daarom essentieel dat de zindelijkheidstraining thuis begint. "Het idee dat dit op school wel wordt opgelost, moet niet heersen. Leerkrachten kunnen ook niet alles opvangen. Maar het is van belang dat ouders weten hoe ze dit moeten aanpakken. Ik zie heel veel ouders die juist te hard hun best doen, waardoor het niet lukt.

Oplossing

Kennis is volgens De Gee-de Ridder de enige oplossing om het tegen te gaan en een goede samenwerking tussen ouders, leerkrachten en behandelende therapeuten wanneer er wel een 'kink' in de kabel zit.

Daarom hier een aantal tips als je wilt starten met het begeleiden van het zindelijk worden van je kind. "Neem er de tijd voor en maak er niet te veel een 'ding' van. Kijk ook of ze er klaar voor zijn, dat ze eerst goed in de luier plassen, het aan voelen komen en de ontlasting lekker zacht is. Daarna introduceer je het potje en vervolgens het toilet met een brilverkleiner én een krukje."

"Ouders moeten vooral geen schuldgevoel krijgen als het proces vastloopt"

Ineke de Gee-de Ridder, bekkenfysiotherapeut

De Gee-de Ridder vervolgt: "is er  wel een kink in de kabel is gekomen schroom dan niet om hulp te zoeken. Ga naar je huisarts, zoek een bekkenfysiotherapeut of een kinderfysiotherapeut die gespecialiseerd is in kinderen met plas– en poepproblemen. Ouders moeten vooral geen schuldgevoel krijgen als het proces vastloopt. Het is niemands schuld."

Comentários


bottom of page